donderdag 26 mei 2011

Kwetsbaar en gekwetst

Afgelopen mei (2011) stelde een actualiteitenrubriek een aantal misstanden aan de kaak die plaatsgevonden zouden hebben op de werkvloer van een vestiging van een sociale werkvoorziening (SW), bedoeld voor mensen met een lichamelijke, verstandelijke en psychische beperkingen.
We hebben het dus over kwetsbare mensen, die onvoldoende hulpbronnen hebben om op eigen kracht bepaalde moeilijkheden en tegenslagen te overwinnen (Schuyt 1995) en om hun leven op de door hen gewenste manier vorm te geven.
Hoge werkdruk, een slechte benadering van de medewerkers en een sfeer waarin kritiek niet wordt getolereerd. “Slavenarbeid”, aldus een huilende medewerkster die onherkenbaar in beeld werd gebracht.
In de uitzending wilde het bedrijf niet reageren, maar achteraf gaf de directeur via de geschreven kanalen aan erg geschrokken te zijn van het beeld dat in de uitzending werd geschetst. “We betreuren dit”, werd gezegd. De organisatie zou er een moeten zijn waar zorgvuldig met medewerkers wordt omgegaan. Daarbij werd verklaard dat zij er immers in geïnvesteerd zouden hebben, via o.a. de instelling van vertrouwenspersonen, een integriteitsbeleid en een goede klachtenprocedure. “Blijkbaar heeft nog niet iedereen die weg intern gevonden”, aldus de directeur.
Een andere woordvoerder vulde aan dat ze juist bezig waren om medewerkers te stimuleren duidelijk aan te geven wanneer er sprake is van ongewenst gedrag. “Dat kan ook anoniem.” Naar aanleiding van een aantal vragen werd geopperd dat die boodschap misschien niet goed doorgekomen zou zijn. Het zou misschien kunnen dat de begeleiding op de werkvloer het doorgeven van klachten door een intimiderende houding wellicht tegen zou houden. Er zou al mee zijn begonnen dit grondig uit te zoeken. “Voor ons geldt: elke klacht is er één teveel”, aldus de woordvoerder.

Men heeft kennelijk even de tijd genomen om een antwoord te formuleren vanuit een juridisch verantwoorde niet-wetenhouding.

De plaatselijke politiek is behoorlijk wakker geschud en de wethouder (Werk en Inkomen) heeft verklaard de zaak tot op de bodem te willen uitzoeken. Ook hier zijn alle woorden weer zorgvuldig gekozen, want niemand wil z’n handen branden.
De oppositie heeft gezegd dat er onmiddellijk orde op zaken moet worden gesteld bij de plaatselijke sociale werkvoorziening. Een raadslid zegt; “De sociale werkvoorziening hoort kwetsbare mensen een beschermende werkomgeving te bieden.” Ze stelt dat wanneer de organisatie deze bescherming niet kan bieden, deze niet voldoet aan de basistaak.

Iedereen hult zich in woorden die bij zijn/haar functie passen en ondertussen speelt de tv-uitzending zich opnieuw af in mijn hoofd. Ik zie medewerkers anoniem hun emotionele verslag doen van hun ervaringen. Er moet keihard doorgewerkt worden en toiletbezoek wordt beperkt door de deur op slot te houden en de sleutel slechts op aanvraag beschikbaar te stellen. Een van hen vertelt dat hij door een der begeleiders voortdurend tegen zijn onderbeen wordt geschopt. Toen hij hem vroeg waarom hij dat deed, kreeg hij als antwoord: “Omdat ik dat leuk vind.”
“Wie is die begeleider, wie heeft hem aangenomen, hoe komt het dat hij zo reageert, hebben goedwillende personeelsleden niets gemerkt, heeft helemaal niemand iets gemerkt, of hoe machtig en/of onmachtig waren betrokkenen?” Zomaar een paar vragen die me direct te binnen schieten.

In dit artikel wil ik me zeker niet bezighouden met het feit of deze gebeurtenissen al dan niet hebben plaatsgevonden. Ik kan dat niet, omdat ik er niet bij ben geweest.
Waar ik me wel mee bezighoud is dat dit soort geluiden mij niet aanstaan. Bezuinigingen waar wij als samenleving toe gedwongen worden (op welke wijze dan ook), oefenen een enorme druk uit die van bovenaf gestuurd wordt. En hoe zwaarder de druk die van boven wordt uitgeoefend op hen die zich daaronder bevinden, hoe meer druk er komt te staan op hen zie onderop de stapel liggen. Stel het je maar eens letterlijk voor.
Maar hallo, we hebben het hier over kwetsbaren en instanties die voorzieningen hebben bedacht om deze mensen een eervolle werkplek te bieden in onze samenleving. Je mag toch hopen dat het idealisme daarachter nog steeds wordt nagestreefd!

In de dierenwereld worden de zwakkeren veelal uitgestoten, aan hun lot overgelaten of zelfs gedood. Wij mensen hebben die neiging ook van oudsher, maar de evolutie van ons verstand, onze beschaving en onze ethiek hadden ons toch naar een hoger plan getild? Hadden wij democratische mensen niet bedacht dat het goed zou zijn dat wij elkaar als gelijken zouden behandelen?

Ik hoop dat alle bedrijven die zich vandaag de dag richten op sociale werkvoorziening, vanuit het oorspronkelijke ideaal zullen blijven denken en handelen. Dat de verantwoordelijken, ondanks de nodige bezuinigingen, voortdurend bewuste stappen zullen blijven zetten, waarbij het oorspronkelijke doel niet uit het oog raakt.
Het zou ook fijn zijn als men ‘bovenin de boom’ altijd zal blijven opletten wat er beneden precies gebeurt, zodat men zich achteraf niet hoeft te vermoeien met het formuleren van juridisch verantwoorde antwoorden op lastige vragen.
Tot slot wens ik van harte dat onze beschaving het verstand en de creativiteit kan blijven opbrengen, om de kwetsbaren onder ons goed en blijvend te beschermen tegen onmenselijke druk waar (vooral) zij weerloos tegenover staan.

“Kun je wel tegen zo’n kleintje,” kreeg je vroeger te horen als je als jongetje van de grote school een kleuter pestte. 

woensdag 18 mei 2011

Kiezen voor jezelf


Een poosje geleden sprak een manager met mij over een werknemer die bijna 3 maanden zwaar overspannen thuis had gezeten en sinds kort weer 2 ochtenden per week op therapiebasis aan het werk was. Op de tweede dag voerde hij een gesprek met deze medewerker en bekende dat hij vooral ook heel graag wilde weten wanneer hij weer volledig op hem zou kunnen rekenen. Hij was tot voor kort immers een van zijn beste krachten geweest, waar je bovendien altijd een extra beroep kon doen.
Tijdens het gesprek echter was hij zich vreselijk gaan irriteren aan het feit dat de werknemer vertelde dat hij tijdens een hulpverleningstraject had geleerd dat hij meer voor zichzelf moest gaan kiezen. “Vreselijk. Iedere keer herhaalde hij dat maar weer. Vroeger klaagde hij nooit en nu heb ik het gevoel dat hij de rem erop gooit. Ik snap best dat mensen het wel eens moeilijk hebben, maar erin blijven hangen hoeft toch ook weer niet. Volgens mij kan hij makkelijk weer het volledige proces in. Kiezen voor jezelf kan ook door je werkritme
weer op te pakken.”

De werknemer – laten we hem Herman noemen - was altijd een hard werkende en plichtsgetrouwe jongen geweest, maar langzaam maar zeker was hij vast gaan lopen. Vooral na het overlijden van zijn vader begon hij aan slapeloosheid te lijden, waardoor hij niet goed meer tot rust kwam. Steeds minder kon hij tegen dingen die hem per direct werden opgedragen, zoals onverwacht overwerk. Zijn enorme plichtsbesef en het ontbreken van assertieve vaardigheden, dreven hem uiteindelijk in een benauwde hoek en hij knapte volledig af.
Tijdens zijn ziekteperiode volgde hij een counsellingtraject en kwam er langzaam maar zeker achter hoe het zat. Hij zag dat hij van huis uit vooral had ‘geleerd’ zichzelf weg te cijferen. Ook zijn vader was zo plichtsgetrouw en moeder ging daarin mee omdat zij ook zo opgevoed was. Toen hij dit inzag, besloot hij ermee aan de slag te gaan.
Herman besefte dat, wanneer je dus eigenlijk niet luistert naar je eigen behoeften en voorkeuren, je er dan kennelijk voor kiest dat je omgeving voor je bepaalt. Je volgt dan wat anderen (de maatschappij, je familie, vrienden of je werkgever) het beste voor jou vinden. En dat terwijl diep van binnen jij alleen weet wat het beste voor je is. Herman zag nu in waarom hij het niet had kunnen volhouden.

’Trouw blijven aan jezelf, kiezen voor jezelf’ of ‘dicht bij jezelf blijven’, zijn termen die voor sommigen wellicht wat wazig klinken, maar ze betekenen niets meer en niets minder dan de keuzes te maken die in het leven het beste bij jou passen en die jou het meest gelukkig maken. Dit betekent beslist niet dat je geen rekening meer hoeft te houden met anderen en het wil niet zeggen dat je naar niemand meer hoeft te luisteren of dat je een egotripper moet worden.
Het gaat om positief zelfrespect en een sterk zelfvertrouwen. We hoeven niet altijd iedereen tevreden te houden, maar we kunnen wel tevreden zijn met onze eigen keuzes. Als we die op een assertieve manier aan onze omgeving kenbaar maken (begripvol naar de ander, terwijl je voor jezelf opkomt), zal daar in de meeste gevallen respect voor zijn.  En mocht dat niet het geval zijn, dan kan men zich afvragen welk doel het dient om nog samen in zee te gaan.

Herman dacht na over het feit waarom hij voor zijn huidige baan had gekozen. Gelukkig  kwam hij erachter dat hij hierin zijn eigen keuze had gemaakt. Het was een baan waarvan hij het gevoel had dat die bij hem paste en hij wist in ieder geval zeker dat hij deze niet had genomen om slechts zijn geld mee te verdienen.
Voor hem waren het zijn eigen grenzen die hij niet had kunnen stellen, waardoor hij uitgeput was geraakt. Als hij die op een assertieve wijze kenbaar had kunnen maken, was het mogelijk niet zover gekomen. Nu had hij nog wat tijd nodig om hieraan te werken.
Ik vertelde de manager dat hij met het tonen van begrip dichterbij Herman zou kunnen komen. Erkenning van zijn werkgever was immers wat hij op dat moment nodig had, zodat hij zich weer veilig op z’n ‘oude plek’ zou kunnen gaan voelen. Het achterwege laten van begrip en geduld zouden het genezingsproces eerder nog kunnen vertragen.
Met Herman gaat het inmiddels weer beter. “Ik ben blij dat mijn baas het begrijpt. Dat geeft me een goed gevoel, waardoor ik erin bevestigd word dat ik helemaal op mijn plek zit. Volgende week ga ik trouwens weer volledig aan de slag.”
Als je kiest voor dat wat jou inspireert (in werk en privé), waarin jij je passie, je kwaliteiten en je talenten kunt uitleven en ontwikkelen, werk je met de energie die bij jou past en kies je voor jezelf.

maandag 9 mei 2011

Een goed besluit komt van binnenuit

Gesprekken in mijn praktijk gaan bovengemiddeld vaak over het nemen van beslissingen en de angsten die mensen tegenhouden om ze te nemen.
Daar waar de een telkens opnieuw begint, zoals Paul van Vliet in “Ik ben zo vaak opnieuw begonnen” al eens zong, daar vindt de ander het moeilijk om een enkele eerste stap te zetten.
Dilemma’s zijn aan de orde van de dag, omdat de combinatie ‘wij’ en ‘het leven’ nu eenmaal om het maken van keuzes draait.

  • Neem ik die andere baan, of kies ik voor zekerheid en blijf ik op mijn huidige plek?
  • Laat ik mij voor de zoveelste keer aftuigen, of ga ik nu voorgoed bij hem weg?
  • Verkoop ik mijn huis en trek ik bij mijn geliefde in, of blijven we LAT’en?
  • Laat ik mij opnieuw leiden door die angst, of zet ik nu stappen om deze te overwinnen?
  • Ga ik door met eindeloos ploeteren, of ga ik opnieuw beginnen?
Soms weten we het even niet meer en blijven we een poosje wikken en wegen. We noemen dat twijfelen. De ongezonde vorm hiervan focust veelal op dat wat mis kan gaan, zodat de angst in stand blijft. Het doet ons weer op de plaats van vertrek belanden, waarmee een vicieuze cirkel ontstaat, met als resultaat verveling, irritatie, depressie, of zelfs wanhoop.
Gezonde twijfel echter, wikt en weegt en bekijkt voortdurend wat (beter) bij ons past. Het toetst onze gevoelens met de verstandelijke realiteit en maakt een ‘lijstje’ van minpunten en pluspunten, waardoor we van binnen wel besluitvaardig(er) worden, maar vanuit een andere onzekerheid nog steeds wachten om de knoop door te hakken.

Soms wordt de hulp van anderen ingeroepen bij het nemen van een beslissing. Veel goed bedoelde adviezen klinken als:

  • Ik zou er gewoon niet over inzitten…..
  • Als ik jou was zou ik….
  • Je moet gewoon…..
  • Wat mij heeft geholpen is…
Dergelijke adviezen gaan uit van de perceptie en/of de ervaring van de ander en zullen ons in veel gevallen helaas niet veel verder helpen. Bij het maken van een eigen keuze gaat het er namelijk vooral om dat het jou moet passen.
Wat handig is het dan als je jezelf goed kent. Als je weet wat je wilt en daarbij je persoonlijke kracht (kwaliteiten en talenten) kent, maar als je vooral het vertrouwen hebt dat je heel goed in staat bent om je eigen keuzes te maken. Ongeacht of deze nu leiden tot een (direct) succes, of je leren dat je een volgende keer ook anders kunt beslissen.

Geen keuze maken leidt natuurlijk ook tot een bepaalde zekerheid, we weten dan immers wat we zullen moeten (leren) aanvaarden.
Beslissen echter, is hoe dan ook cruciaal om aan de verdere stroom van het leven deel te kunnen blijven nemen.
Soms drijven we hierin onvermijdelijk tegen een obstakel aan. Uiteraard niet altijd prettig, maar we kunnen er beter even naar kijken om te zien wat ons heeft tegengehouden, zodat we weten hoe we ons hier naar eigen kunnen het beste van kunnen afzetten en in welke richting ons dit het beste lijkt. Het kan ons wat tijd kosten om de juiste overweging te maken, maar als we verder in de stroom mee willen gaan, zullen we ons op een zeker moment moeten laten gaan, of kunnen we ervoor kiezen ons in een zelf bepaalde richting af te zetten van dat wat ons tegenhield.
Hoe dan ook zal er (zelf)vertrouwen nodig zijn om verder te gaan. En daarvoor is (zelf)kennis nodig, zodat we weten welke persoonlijke kwaliteiten en talenten ons behulpzaam kunnen zijn.

Een goede begeleider helpt je om zelf de kracht van je persoonlijke hulpbron(nen) te ontdekken, zodat (zelf)vertrouwen kan groeien en een besluit van binnenuit genomen kan worden.

donderdag 21 april 2011

Iedereen kan boven zichzelf uitstijgen

De meeste mensen die bij mij op consult komen, leggen een probleem voor waardoor zij zich al korte of langere tijd niet gelukkig voelen. De een plaatst de oorzaak ver buiten zichzelf en geeft misschien de hele wereld de schuld, terwijl de ander louter zichzelf als de grote falende partij ziet. Weer anderen zien in dat zij zelf onderdeel van een groter geheel zijn en zoeken naar mogelijkheden, die zij kennelijk even over het hoofd zagen vanwege de overweldiging van het probleem.
Een ieder van hen heeft op de een of andere manier onvoldoende zicht op de mogelijkheden die (nog wel) voor handen zijn om hen verder te helpen. Dit komt niet in de laatste plaats omdat velen van ons (binnen deze samenleving) van huis uit hebben geleerd dat je overal flink je best voor moet doen, omdat je anders niet zal slagen. Er moet vooral hard gezwoegd worden en kennelijk dient er ook pijn te worden geleden om iets te bereiken. 'Wie niet werkt, zal niet eten'  is een bekende (bijbelse) uitspraak die velen zich nog zullen herinneren.
We hebben geleerd om extra aandacht te schenken aan onze lagere rapportcijfers. Zwoegen, eraan trekken, bijlessen, etc. hebben velen van ons bergen energie gekost. Zelfs als je kwaliteiten daar niet lagen, werd er gepushed om die ene 5 met minimaal een puntje op te trekken. Onder een dergelijke manier van ‘stimuleren’ bleken zelfs goede cijfers te lijden te hebben. Alle energie die het die ene 5 voor rekenen kostte om een 6 te worden, leek af te brokkelen van bijvoorbeeld een 8 voor taal, gym, of tekenen.  Het gevoel dat we hieruit overhielden leek ons te vertellen dat zwoegen misschien toch niet hielp, waardoor niet zelden demotivatie het resultaat was van (goed bedoelde) motivatie. Met een gemiddelde leerling (mens) als resultaat.

Gelukkig zijn er tegenwoordig methodes voor handen die ons stimuleren vanuit wat we (wel) goed kunnen. Ieder mens heeft wel een bijzondere eigenschap of uniek talent, waarmee we kunnen starten. Van hieruit kunnen we bekijken wat nog meer nodig is, of kan zijn, om deze bijzondere eigenschap verder te ontwikkelen. Onze persoonlijke kwaliteiten/talenten kunnen daarmee tevens het stimulerende startpunt zijn waarmee we zelf verder kunnen bouwen aan ons eigen gelukkige bestaan.
Uiteraard spreekt het voor zich dat er inderdaad (hard) gewerkt zal moeten worden als wij iets willen bereiken. Het maakt het alleen wel stukken aangenamer en vertrouwder als we onze eigen basiskwaliteiten/ talenten daarbij kunnen inzetten.

Er zijn steeds betere leermethodes die leerlingen kunnen laten starten vanuit hun eigen basiskwaliteiten. Het vergt hier en daar wat investering, maar hopelijk ziet onze samenleving in dat we uiteindelijk meer talent zullen creëren en ontwikkelen als we uitgaan van de basiskwaliteit van de mens. Op deze wijze zijn we beter in staat boven ons eigen gemiddelde uit te stijgen en kweken we meer kwaliteit om als samenleving aan verbetering voor iedereen te werken.
Op deze manier kunnen we dichter bij onszelf blijven en zal het voor velen gemakkelijker zijn om keuzes te maken (opleiding, werk, etc.). Ook een 'zesjescultuur' zou daardoor minder gauw ontstaan.

Ook binnen het bedrijfsleven heeft men inmiddels methodes ontdekt en ontwikkeld, waarmee talenten eerder aan het licht komen, zodat deze ten gunste van het bedrijf ingezet kunnen worden. Door te beseffen dat door goede samenwerking (d.m.v goede communicatie) ontwikkelingen beter tot stand komen, leert men de kracht van zelfbewust samenwerken steeds beter kennen.

De ‘oude’ benadering zit bij velen van ons nog (onbewust) verankerd in ons systeem en het collectieve bewustzijn zeult hier waarschijnlijk nog wel even mee rond. Ondertussen kunnen we (bewust) stappen zetten die de ontwikkeling naar verbetering zullen voortzetten

Wat mijn cliënten betreft zal ik zo veel mogelijk onderzoeken met welke persoonlijke (basis)kwaliteiten zij in staat zullen zijn om zo snel mogelijk zelf het heft (weer) in eigen hand te kunnen nemen, zodat men zich weer 'manager van het eigen leven' voelt.

“Ons leven is een ontwikkeling waarin we meerdere malen de kans krijgen om boven ons eigen gemiddelde uit te stijgen.”

dinsdag 12 april 2011

Er is gelukkig nog van alles wél goed

Als een probleem zich aandient, komen daarbij dikwijls negatieve gevoelens naar boven. Begrijpelijk, want deze emoties zijn nogal indringend en trekken dus enorm de aandacht. En zie de energie die daaruit ontstaat dan maar weer eens kwijt te raken!

Wij mensen zijn door de eeuwen heen altijd grote veroorzakers van problemen geweest. Door ervaring en denkwerk hebben we daarvoor ook allerlei benaderingen en methodieken bedacht, waardoor we ook weer hebben geleerd om ze op te lossen, of hiermee om te gaan. En telkens als er weer nieuwe problematiek ontstond, dachten we na over hoe we dit nog beter konden aanpakken. Naast de ‘probleemaanpakkers’ hebben we ook altijd te maken gehad met een grote groep die juist voor problemen wegloopt. In beide gevallen staat ‘het probleem’ echter nog steeds prominent in de ‘spotlights’ als veroorzaker van het rotgevoel, waarmee we te maken krijgen als gevolg van wat ons overkwam.

De meeste traditionele oplossingsprocessen analyseren in eerste instantie het probleem. Meestal om te ontdekken en te begrijpen waar een oorzaak zou kunnen liggen. En omdat ‘niet’ eigenlijk niet bestaat (probeer nu bijvoorbeeld maar eens niet te denken aan de Eiffeltoren), confronteren wij ons niet alleen met het probleem en de gevoelens die daarbij naar boven komen, maar ook met de gevoelens en mogelijke problemen die daarachter weer schuilen. Het is daarom ook dat sommige mensen vaak uitstellen of verzuimen om een probleem op te lossen. Het kost immers veel energie als je (weer) met al die emoties en gebeurtenissen in aanraking komt.

Graven naar een oorzaak blijkt hier en daar nodig, maar er zijn ook problemen die anders aangepakt kunnen worden. In plaats van hard proberen te begrijpen waarom iets niet werkt, kunnen we ook de aandacht richten op het uitvinden en toepassen van wat wel werkt. Dat klinkt simpel, maar het blijkt even wennen te zijn, omdat we veelal nog vast blijken te zitten in ons oude stramien van denken vanuit het probleem. En wie goed oplet, ziet dat we daarmee inmiddels vergroeid zijn, want we blijken vooral vaak te focussen op dat wat mensen mankeert. Als iemand bijvoorbeeld niet goed kan leren, zoeken we naar de oorzaak en als we die hebben vastgesteld, kunnen we er weer een ‘label’ aan toekennen. Dat gaat vaak goed, maar kan ook wel eens anders uitpakken. Mede omdat wij eenvoudigweg niet altijd in een duidelijk aanwijsbaar hokje passen. Je kunt je voorstellen wat er zou kunnen gebeuren als je in het ‘verkeerde hokje’ terechtkomt.
Als iemand bijvoorbeeld werkeloos is en niet gemakkelijk weer aan het werk komt, zoek men naar een rede. Dat is beslist van belang, maar hiermee komt de focus ook weer te leggen op hetgeen mankeert aan de werkzoekende. We kunnen zo iemand bijvoorbeeld het label ‘kansarm’ opplakken. En hoe langer een werkeloos iemand benaderd zal worden vanuit de visie dat er van alles aan hem/haar, of zijn/haar situatie mankeert, omdat we hem/haar als ‘kansarm’ hebben bestempeld, hoe groter de kans dat deze zich als zodanig zal gaan gedragen. Afhankelijk van achtergrond, verstandelijk vermogen, etc. zal het afbreuk doen aan zelfbeeld en zelfvertrouwen. En ook hierbij kan men zich zo ongeveer wel voorstellen hoe dat er zal gaan uitzien.

Gelukkig zie je dat er langzaam maar zeker ook mensen voor het voetlicht verschijnen die in staat blijken te zijn om anders om te gaan met problematiek. Zij zijn in staat het goede te belichten en daarmee aan de slag te gaan, zodat (zelf)vertrouwen weer kan toenemen.
Je kunt je vast ook wel indenken hoe het voelt om na een (grote of kleine) prestatie een zekere trots te ervaren. Dat gevoel kan een prachtige (eerste) bouwsteen zijn waarop een volgende, weer een volgende en nog meer bouwstenen gestapeld kunnen worden, waarmee ieder mens, naar eigen vermogen, een prachtig persoonlijk ‘bouwwerk’ kan neerzetten.
Onlangs stuurde een vriend mij een DVD toe met een Brandpunt-reportage. Fons de Poel interviewde Aad van Nes, de ‘arbeidsmarktmeester’ van Rotterdam. “Als iemand vier weken niet meer werkt, kijkt hij mij niet meer recht in de ogen. Als je drie maanden niet meer werkt, ga je niet meer met het openbaar vervoer, omdat je denkt dat mensen aan je kunnen zien dat je niet werkt. Als je 12 maanden niet werkt, is de enige die nog met je praat je hulpverlener". Hij stelt dat er een voortdurende vraag is naar arbeidskrachten die in werkelijkheid niet bestaan (hoge opleiding, veel ervaring, veel flexibititeit en zo laag mogelijk betaald), terwijl mensen die er wel zijn, ziek en doelloos hangen aan  een ‘infuus' van regelingen. Hij werkt daarom oplossingsgericht aan het zelfvertrouwen en de trots van mensen die in een periode daarvoor nog een laag zelfbeeld hadden en weinig perspectief leken te hebben.

Psychotherapeut Steve de Shazer, een der belangrijkste grondleggers van het oplossingsgerichte werken, ontwikkelde een prachtige methodiek en bracht daarmee veel mensen naar een hoger plan, dan zijzelf ooit voor mogelijk hadden gehouden.

Ook ik juich deze oplossingsgerichte aanpak (waar mogelijk) enorm toe, omdat ik inmiddels binnen mijn praktijk heb ervaren dat mensen eerder in staat zijn de draad weer (constructief) op te pakken, als ze voelen dat iets van hun persoonlijke kracht altijd (nog) aanwezig - en inzetbaar is. Het is prachtig om te zien als mensen ervaren dat er gelukkig nog van alles wél goed is, dat zij daardoor (weer) zelfredzamer worden en in staat zijn zichzelf neer te zetten en daardoor ook (weer) momenten van geluk kunnen ervaren.

“Zelfvertrouwen kan groeien als je contact legt met - en werkt vanuit je persoonlijke kracht.”

woensdag 6 april 2011

Het universum voorziet als je eraan deelneemt.

Steeds vaker krijgen we uitspraken als ‘verbinding met jezelf zoeken’, ‘doen wat bij je past’, ‘je eigen keuzes maken’, ‘je dromen waarmaken’, etc. om onze oren. Prachtige kreten die ons allen in meer of mindere mate wel aanspreken. Hierachter lonkt immers onze ultieme vrijheid.
Wat zou het geweldig zijn als we eindelijk eens zouden kunnen gaan doen wat bij ons past. En ja, heerlijk om je dromen nu eens waar te kunnen gaan maken, want ‘leef je dromen’ is nog zo’n kreet.

Toen ik onlangs mijn groente stond te wegen in de supermarkt, werd ik onbedoeld getuige van een gesprek tussen twee dames. ‘Ik houd van mensen; ik ben een mensenmens. Ik denk ook altijd aan een ander en ik kan niet tegen onrecht. Zo ben ik gewoon. Ik vind dat iedereen gewoon z’n ding moet kunnen doen, weet je’. Ik schatte de dame rond de veertig en hoorde haar op luide toon verder vertellen dat ze op een keerpunt in haar leven had gestaan en haar droom ‘gewoon’ had waargemaakt. Ze hadden nog een kamer over in huis en daar was ze dan haar nagelstudio begonnen.
‘Ik wist niet dat dit al zo lang je droom was’, sprak de iets oudere dame tegenover haar, met een vraagtekengezicht. Waarop ze ineens fronste en antwoordde; ‘Nee, het bleek ook niet echt mijn droom, maar ja, je kunt niet al je dromen waarmaken, hè. Anders zou ik nu denk ik wel wat anders doen. Ik zou eigenlijk niet weten wat, maar ik zou zeker niet élke dag met nagels bezig willen zijn. Hoewel ik het eerst wel dacht. Ja sorry, maar soms komt het echt mijn keel uit. Dus ik denk dat ik misschien liever iets anders met mensen had willen doen’. De oudere dame viel stil en haar ‘vraagteken’ werd zichtbaar groter. ‘Ja ach’, ging ze verder, ‘je moet toch wat, hè. Maar goed, ik heb er nu in geïnvesteerd, dus ik zal wel zien hoe lang ik het volhoud. Haar gezicht was rood aangelopen en ze toonde zich ineens ongemakkelijk. ‘Maar goed, ik moet opschieten, want ik moet vroeg koken’, zei ze ineens gehaast en liep richting kassa, terwijl de iets oudere dame, tussen de bloemkolen en de andijvie, bijna zelf in een vraagteken was veranderd. ‘Ik heb mijn droom gewoon waargemaakt’, had zij haar gesprekspartner immers horen zeggen …..

Gelukkig zijn er een overschot aan methodes om je dromen te verwezenlijken. Sommigen vertellen je dat je slechts een beeld hoeft te vormen van je droomwens, om het vervolgens aan het universum te geven, het los te laten en als het als een vervulde wens weer terug te krijgen. “Toen ik mijn droom had losgelaten, kwam het op mijn pad”, zo vertelt men achteraf. Aha, dát klinkt makkelijk!

Wie zijn/haar droom wil waarmaken komt er vroeg of laat achter dat het niet zo vanzelf gaat als dikwijls wordt beschreven. Er is een plan nodig waaraan je op z’n minst met enige structuur aan kunt gaan werken. Vaak weet je al waar je hart ongeveer naar uitgaat. Tegen het licht van je competenties zie je vaak al of het haalbaar is, of - zal kunnen worden. En als je heel graag wilt en weet dat je het in je hebt om te gaan doen wat je wenst, kun je stappen gaan ondernemen om je nieuwe ‘fundament’ te leggen.

Je zult bereid moeten zijn om fouten te maken en om je open en kwetsbaar op te stellen.
Naast de euforische momenten zullen er ook lastige momenten op je pad komen. Want waar
eerst controle was (bijvoorbeeld in je oude ‘vertrouwde’ leventje, of het ultieme ‘plaatje’ van je droom), zou je het nu zomaar eens een keer kunnen verliezen. Positief of negatief, alles zal in het licht van je eigen ontwikkeling komen te staan.
Vertrouwen, wilskracht, moed, verbeeldingskracht, visie, veel geduld en (zelf)discipline zullen nodig zijn om vanaf de nieuwe basis te kunnen beginnen.
Je wordt opnieuw een kind dat moet leren lopen. En dat lukt alleen als je niet bang bent om te vallen. Want of je veel of weinig talent hebt, je komt onherroepelijk ook een keer te vallen tijdens het proces. Je moet daartoe ook bereid zijn, want de meeste dromen komen niet vanzelf tot stand.

Succesverhalen die gekoppeld zijn aan positief gekleurde methodes, zijn veelal verhalen achteraf, of willen je iets verkopen. De werkelijkheid is doorgaans dat je moeite zult moeten doen om je droom te verwezenlijken. En daar is kracht; geloof in jezelf en doorzettingsvermogen voor nodig. En als je dááraan werkt kan een succesverhaal inderdaad tot stand komen. Het oefenen van de nodige vaardigheden behoort tot het opbouwen van dat vermogen. Je bent daarmee het ‘kind’ dat leert lopen door te vallen en op te staan. En hoe meer je valt, hoe vaker je de kans krijgt om weer op te staan, zodat je opnieuw je aandacht kunt focussen. Net zolang tot het voelt als je eigen jas die je veel draagt en steeds lekkerder begint te zitten.

Veel methodes kloppen, maar het universum zal pas voorzien als je beseft dat je er een onderdeel van bent en je er actief aan deelneemt, door te volharden en blijvend te werken aan het vertrouwen in je plan, je hulpbronnen en vooral jezelf.

zaterdag 26 maart 2011

Donderslag bij heldere hemel.

Nooit eerder was er iets erg schokkends gebeurd in haar 36 jarige leven. Een beschermde jeugd had haar behoed voor tegenslagen en haar scholen doorliep ze zonder slag of stoot. Ze vindt het best jammer dat ze haar vroeg gestorven grootouders nooit heeft gekend, maar haar ouders leven allebei nog en verkeren in uitstekende gezondheid. Ze geniet er telkens weer van als ze van hun zoveelste lange reis terugkomen en vertellen wat ze daar nu allemaal weer gezien en beleefd hebben.
Ans is  ruim 9 jaar gelukkig getrouwd met haar eerste vriendje Johan en ook zij hebben het altijd goed gehad samen. Ieder heeft z’n eigen liefhebberijen, terwijl er ook voldoende gezamenlijke bezigheden plaatsvinden. Els, de jongste zus van Ans, woont aan de overkant van de straat en vindt het leuk om zo nu en dan op de kinderen te passen. Hierdoor kunnen Ans en Johan iedere vrijdag heerlijk samen uit eten. Iedere week in een ander restaurant. Ze lachen veel samen, want ook aan humor ontbreekt het ze niet.
Hun twee gezonde kinderen, een jongen en een meisje van 5 en 8 jaar, groeien als kool en doen het in alles goed.
Dansen is Ans haar lust en haar leven en daarvoor is ze twee keer per week in de dansschool te vinden. Daarbij is ze nog lid van de tennisclub en heeft een baantje voor twee middagen in de week, in een kledingzaak. Moe wordt ze daar niet van, want ze doet het met bijzonder veel plezier en de werksfeer is prima.  Meer werken dan die twee middagen is ook niet nodig, want Johan heeft een zeer goed betaalde baan bij de gemeente. Het ontbreekt het altijd vrolijke en spontane gezin aan niets.

Twee weken geleden ving Ans in de supermarkt toevallig op dat bij Mary, haar alleenstaande buurvrouw waar ze twee tot drie keer in de week een koffie-uurtje mee heeft, MS is geconstateerd. “Bah, wat naar. Zo’n rotziekte. Nee, ik word er niet blij van als ik eraan denk.” Ze bedacht dat het beter zou zijn om een poosje op afstand te blijven. “Jammer van de gezellige uurtjes, maar het is beter als ik voorlopig maar even niet op de koffie ga. Ik laat haar wel even met rust totdat ze aan het idee gewend is.” Ans troostte zich met de gedachte dat ze het gelukkig druk heeft met de organisatie van de aankomende danswedstrijden, zodat ze zich tijdens de uurtjes die nu weg zouden vallen, toch niet zou hoeven te vervelen. Bovendien zou ze de komende maand achter elkaar een aantal kantinediensten op de tennisclub mee kunnen draaien.
Nee, Ans houdt niet van problemen en gaat er met een grote boog omheen, omdat ze vindt dat je zo veel mogelijk moet genieten van het leven!”

Toen, als donderslag bij heldere hemel, gebeurde er ineens iets vreselijks in het leven van Ans. Iets waar ze momenteel vreselijk van in de put zit en het allemaal niet meer ziet zitten. Haar hele leven ligt overhoop en al haar plannen zijn in duigen gevallen. “Ans is er behoorlijk depressief van,” vertelde Johan door de telefoon. “Ze stapte ‘s morgens naar buiten om gewoon iets in de kliko te gooien, toen ze ineens het afstapje miste en haar voet dubbel klapte. Ze gaf natuurlijk een gil en kort daarna werd haar voet al dikker. Ze was vreselijk geschrokken en ze kon bijna niet op die voet staan. Ze is toen naar de achterdeur van onze buurvrouw Mary gehinkt, waar ze heeft aangeklopt en om haar heeft geroepen. Maar op de een of andere manier waren daar de gordijnen nog dicht en deed ze niet open, terwijl het toch al bijna tien uur was. Ze moest toen helemaal naar haar zus aan de overkant van de straat hinken. Gelukkig deed zij wel open en konden ze naar de spoedeisende hulp in het ziekenhuis.”  
Ans blijkt haar enkelbanden verrekt te hebben, waardoor ze het een paar weken rustig aan zal moeten doen. Ze is er behoorlijk van ondersteboven en kan maar moeilijk accepteren dat juist haar dit nu moest overkomen. De dagen lijken een eeuwigheid te duren en ze vindt het leven momenteel erg zwaar.

De meesten zullen na dit verhaal wellicht al een mening hebben gevormd. Zoveel mensen, zoveel gedachten, zoveel gevoelens, zoveel meningen, etc. Als counsellor neem ik hiervan aanvankelijk afstand, om vanuit een niet-weten-houding behulpzaam te zijn, teneinde de cliënt een eigen beeld te laten vormen van zijn/haar eigen plaats in de wereld, zodat hij/zij met de verkregen inzichten zichzelf zo goed mogelijk uit een ongewenste positie kan werken.
Zowel Ans, Johan, Elly, als buurvrouw Mary zien de wereld vanuit hun eigen perspectief. Ze zijn gevormd door hun persoonlijke achtergrond, - levenswaarden, etc. Eigen karakter, waarnemingen, meningingen, hebben mede hun plaats in de 'wereld' bepaald. Zoals dat bij elk mens afzonderlijk gaat. Een counsellor is er voor een ieder van hen.

maandag 21 maart 2011

Even voorstellen

Mijn eerste artikel wil ik graag benutten om mezelf voor te stellen en een beeld te schetsen van 'Emovisie', mijn praktijk voor counselling & coaching. 

Een van huis uit creatieve inslag, een kunstzinnige opleiding en een brede muzikale scholing, zijn in combinatie met een aangeboren interesse in ‘de mens’ van grote invloed geweest op mijn huidige werk als counsellor/coach. Creatief denken en handelen is voor mij van groot belang gebleken, daar het mij de nodige inzichten en ontspanning heeft opgeleverd binnen een aanwezige zucht naar diepzinnigheid. Het besef dat ‘praten’ helpt is er van huis uit met de paplepel ingegoten en heeft mij lang geleden al het gevoel gegeven dat ik dáár iets mee moest gaan doen.
Tijdens mijn persoonlijke zoektocht ben ik met een bonte samenstelling van mensen in aanraking gekomen die me vanuit gesprekken aan het denken hebben gezet. Dit heeft geleid tot een groeiende interesse in de psychologie van de mens, waardoor verder onderzoek niet kon uitblijven.
In alle nuchterheid kan ik zeggen dat het me een enerverende tijd en een aantal zeer waardevolle levenslessen heeft opgeleverd. De behoefte om op een dieper niveau met mensen te gaan werken nam toe en kon voor mijn gevoel niet uitblijven. Toen ik met het fenomeen counselling in aanraking kwam, werd dit een belangrijk doel. Juist omdat counselling non-directief is, want ik vind het van groot belang dat een ieder zijn/haar eigen levensweg bewandelt en daarbij eigen keuzes maakt.

Sinds 2004 ben ik als register-counsellor aangesloten bij de algemene beroepsgroep voor counselling ABvC. Ik help psychisch gezonde mensen, met (tijdelijke) 'lastige' emoties. Hierbij kun je denken aan een burnout of een depressie, maar ook aan een anderssoortige moeilijke ontwikkelings-, of levensfase.
Samen met de cliënt ga ik op zoek naar (nieuw) inzicht in een probleemsituatie of een ontwikkelingsfase. Het liefst via een oplossingsgerichte benadering.

Behandeling van angsten en/of trauma's zijn tevens een onderdeel van de praktijk. 

Angst is eigenlijk een normale emotie. Het is niets meer dan een compleet natuurlijke lichaamsreactie op prikkels van buitenaf. In principe is het geheel onschuldig. Denk maar eens aan angst om een presentatie voor publiek te geven, - om een verkeerde beslissing te maken, of - voor een moeilijk examen.
Angst begint pas problematisch te worden als je te lang onder de fysieke, of geestelijke druk daarvan leeft. Als het hinderlijke lichamelijke, of geestelijke gevolgen geeft.  Als angst je gaat beheersen in je doen en laten.
Zo kunnen er bijvoorbeeld concentratiestoornissen ontstaan, waardoor de focus niet komt te liggen op wat op dat moment werkelijk van belang is. Hierdoor beginnen dingen mis te lopen en raak je als mens uit balans.

Met uitzondering van psychiatrische angsten, zijn angsten als bijvoorbeeld examenvrees, presentatieangst, plankenkoorts,verlegenheid, ect. Door de mens zelf , of met professionele hulp te overwinnen. Trauma gerelateerde angsten (ook fobieën), zoals PTSS (post traumatisch stress-syndroom), worden echter niet vaak gemakkelijk overwonnen,.

Met gebruik van EMDR (Eye Movement Desensitization and Reprocessing) kunnen we angsten in een gering aantal sessies sterk verminderen, of zelfs totaal laten verdwijnen.

Tijdens de behandeling worden handbewegingen, zachte tikjes tegen benen, of handen, of audioklikken via de oren, door de cliënt gevolgd tijdens het doorlopen van een protocol van vraagstelling. Tijdens deze ‘rondjes’ van links-rechts-bewegingen en korte vraagstelling, worden korte visualisaties van de pijnlijke gebeurtenis uitgevoerd (korte herbeleving). Hier ontstaat een versneld verwerkingsproces, waardoor de negatieve herinneringen hun zwaar beladen karakter verliezen en alsnog vele malen beter worden verwerkt. 

Omdat ieder mens wordt gedreven om betekenis en bevrediging in het leven te vinden, kan het in moeilijkere tijden goed zijn om gebruik te maken van een counsellor. Vooral als men het gevoel heeft in een kringetje rond te draaien. Samen (her)scheppen we overzicht in het leven en kan men zich (weer) mentaal fit gaan voelen. Hierdoor kunnen we gemakkelijker doen wat iedereen graag wil doen; genieten van het leven!
http://www.emovisie.nl/